Het Klimaatakkoord is door oud-milieuminister en commissievoorzitter Nijpels aan minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat overhandigd in het gebouw van de Sociaal-Economische Raad. Het gaat om een Klimaatakkoord op hoofdlijnen, het daadwerkelijke akkoord moet later dit jaar definitief worden gesloten.

Het akkoord, waarover bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden de afgelopen maanden hebben onderhandeld, lekte vorige week al uit. Daaruit bleek dat er nog veel onduidelijk was over hoe de overlegtafels industrie en mobiliteit hun plannen concreet willen maken. Landbouw weet de doelstellingen wel te halen, maar schuift belangrijke maatregelen voor zich uit.

"Iedereen zal moeten meedoen om het tot een succes te maken", zei Nijpels, die de onderhandelingen leidde, bij de presentatie van het Klimaatakkoord. "Het is een prachtige prestatie om na vier maanden onderhandelen de hoofdlijnen van het akkoord te kunnen presenteren." Hij verwacht dat er eind dit jaar een "volwassen akkoord" op tafel ligt.

Minister Wiebes benadrukte dat de burger niet de dupe mag worden van de overgang naar een C02-neutrale samenleving. "Als wij gezinnen met hoge rekeningen gaan verrassen, dan gaat dat niet lukken." Hij stelde dat betaalbaarheid en haalbaarheid vanaf het begin essentieel zijn geweest voor het kabinet.

Draagvlak

Het akkoord moet duidelijk maken hoe de komende jaren invulling wordt gegeven aan de doelstelling van het kabinet. Kern daarvan is dat in 2030 een CO2-reductie van 49 procent wordt bereikt ten opzichte van 1990. Die doelstelling stond niet ter discussie, onderstreepte Nijpels bij de presentatie. Maar de grote vraag is hoe de voorstellen gefinancierd zullen worden.

Het akkoord is niet hetzelfde als de Klimaatwet, waarmee de Tweede Kamer vastlegt dat Nederland in 2050 nagenoeg klimaatneutraal moet zijn. De plannen gaan veel verder dan het vorige nationaal energieakkoord. Daarin was het doel voor 2023 16 procent hernieuwbare energie te realiseren.

Parijs

Het Klimaatakkoord is het gevolg van het klimaatakkoord van Parijs dat in 2015 werd gesloten. Daarin werd door 195 landen, waaronder Nederland, afgesproken dat de opwarming van de aarde ruim onder de 2 graden moet komen en dat er einde moet komen aan de stijging van de uitstoot van broeikasgassen.

Als Nederland de gepresenteerde plannen uitvoert, hoort het in 2030 bij de landen die vooroplopen bij de uitvoering van 'Parijs'. Op dit moment presteert Nederland vergeleken met andere landen juist ver onder de maat op het gebied van duurzame energie. Ook op het gebied van uitstoot van broeikassen zit Nederland onder het Europees gemiddelde.

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Planbureau (CPB) gaan het akkoord nu doorrekenen. Na de zomer worden de plannen, met commentaar van het kabinet, voorgelegd aan de Tweede Kamer. De onderhandelaars ontvangen het akkoord daarna terug met aanvullende opdrachten. Bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties moeten de plannen dan voor het einde van het jaar uitwerken en definitief ondertekenen.

Bron: NOS, 10 juli 2018